Mijnheer Glorieux ...

Glorieux was een sociaal bewogen priester, die zich het lot van de armen en misdeelden aantrok. Hij zette zich zo volledig voor hen in en hij was hen zo nabij, dat hij "Vader der armen" genoemd werd. De religieuze peilers van Glorieux' leven waren: een geest van geloof, een geest van liefde en een grote verering voor Maria.
De geest van geloof werd tastbaar door zijn vertrouwen op Gods voorzienigheid.
De geest van liefde zette hem ertoe aan het lot van de armsten te verlichten. Hij zag in de ontredderde en verstoten evenmens de lijdende Christus.
In Maria ontmoette hij de mens die zich geheel en al wijdt aan het verlossingswerk van Christus. Hij bewonderde haar eenvoud, haar diep geloof en haar solidariteit met de mensen.
Glorieux' inzet voor "de minsten der Mijnen" was radicaal en vernieuwend. Radicaal, omdat hij nooit ophield voor de armen op te komen; vernieuwend, omdat hij trachtte de oorzaken van de armoede weg te nemen: door scholing en werk konden de armen in hun eigen onderhoud voorzien, in plaats van afhankelijk te blijven van de liefdadigheid van anderen.
Vóór alles trachtte Glorieux Christus na te volgen. In hem zien we iets oplichten van Jezus die weldoende, genezend en heilbrengend rondging.

Glorieux in jaartallen

1802
Geboorte Glorieux in Sint-Denijs bij Kortrijk.
1825
Priesterwijding te Mechelen.
1825
Benoeming tot onderpastoor van de Sint-Hermesparochie te Ronse.
1828
De armoede en bedelarij te Ronse zetten hem aan om te zoeken naar
blijvende oplossingen:
  • arbeidsplaatsen scheppen voor werklozen;
  • werkongeschikten en zwakken steunen;
  • zorgen voor zieken en verstotenen;
  • onderdak geven aan bejaarden, bedelaars en zwakzinnigen;
  • scholen oprichten voor kinderen.
1830  
Inrichten van de Sint-Pieterskerk
voor bovengenoemde doeleinden met o.a. ziekenzaal, textielatelier, slaapzaal.
Volkssoep: hongerigen krijgen te eten.
1830  
25 november stichting van congregatie van “Broeders van Goede Werken." In 1888, als het hoofdklooster naar Oostakker verplaatst wordt, krijgen ze de naam van “Broeders van Onze-Lieve-Vrouw van Lourdes."
1835  
Inkleding en professie van de eerste broeders in St.-Hermes te Ronse.
1839  
In Ronse legt de bisschop van Gent legt de eerste steen van het Modelinstituut.
1842  
Glorieux wordt benoemd tot pastoor van de Sint-Maartenparochie in Ronse.
1843  
Glorieux probeert het idee van de weldadigheidshoeve in de praktijk te brengen.
1845  
Inkleding van de eerste zusters en stichting van “Zusters van Barmhartigheid”.
1848
Glorieux wordt ontheven van zijn taken.
1852  
Glorieux wordt benoemd tot geestelijk directeur
van de Zusters Maricolen te Dendermonde.
Hij verdedigt zijn ideeën in een brochure
 "La religion, le patriotisme et le pauperisme en Belgique."
1856  
Glorieux wordt aangesteld tot coadjutor te Heldergem
en sticht de "Zusters van Onbevlekte Ontvangenis."
1866  
Glorieux wordt pastoor te Smetlede.
1872  
Glorieux sterft op 25 november te Smetlede.
Een gedenkplaat in de muur van de kerk
herinnert aan hem met de woorden:
"Hij was een vader der armen."
1894  
Het stoffelijk overschot van Glorieux wordt overgebracht
naar Oostakker-dorp.
1934  
Glorieux krijgt zijn laatste rustplaats te midden van zijn broeders
op het broederkerkhof van  Oostakker-Lourdes.
1972
Eerherstel en onthulling standbeeld Glorieux te Ronse.
De bisschop van Gent beschrijft Glorieux als een sociaal pleitbezorger,
een charismatische kloosterstichter, een pionier en medestichter van het technisch onderwijs.

Laatste wijziging: 18 april 2008